(Zelf)Vertrouwen

Vertrouwen

Eerste deel:
Zo lopen wij langs de kolkende rivier met aan het eind een grote waterval. Het water van de rivier stroomt zo wild dat wij tegen elkaar zeggen: het is heel gevaarlijk om in deze rivier te gaan zwemmen. Daar kom je niet levend uit.
En dan zien we ineens wel een man zwemmen, hij komt van bovenstrooms langs ons heen en wordt door het wilde water heen en weer gegooid en in de richting van de waterval gevoerd. “Daar komt hij nooit levend uit, we moeten hem helpen”: wordt er geroepen. Maar hoe dan? De man is al vlakbij de waterval en wordt vervolgens over de rand heen door de waterstroom meegenomen. We gaan hem zoeken in de poel onderaan de waterval, is de algemene opvatting. Maar dat hij nog in leven is, dat gelooft niemand.
Onderaan de waterval aankomend zien ze de man op de oever zitten, rustig kijkend naar de vogels die in het water zwemmen. Dichterbij komend zien ze dat de man op leeftijd is en in diepe meditatie is, dit moet wel de oude wijze heilige zijn die in de buurt verblijft en aanbeden word door de eenvoudige dorpelingen.
Na enige tijd opent de man zijn ogen en verbaast vragen ze aan hem hoe hij de waterstroom en vooral de waterval heeft kunnen overleven. De wijze zegt: meegaan met de stroom, en dat is ook het geheim van een gelukkig leven. Ga mee met de stroom en verzet je niet met de gebeurtenissen om je heen, dan wordt je door de stroom meegenomen langs alle gevaarlijke plekken heen en zo vermijd je de problemen die je leven negatief zullen beïnvloeden. Laat je meevoeren. Verzet je niet tegen de stroom in en je zult alle draaikolken overleven. Zo heb ik mij bij de draaikolk mee laten nemen naar de bodem van de draaikolk en van daar was er weer een stroom omhoog die mij de kolk meevoerde naar boven. Juist door mij niet te verzetten heb ik alles in de levensstroom overleefd, juist door met de stroom mee te gaan heb ik dit punt bereikt en kan hier zitten overdenken hoe mijn leven verlopen zou zijn als ik mij wel zou verzetten tegen de stroom. Ik zou het niet overleefd hebben. En hij sloot zijn ogen om verder te mediteren.

Tweede deel:

 Zo lopen wij langs de kolkende rivier met aan het eind een grote waterval. Het water van de rivier stroomt zo wild dat wij tegen elkaar zeggen: het is heel gevaarlijk om in deze rivier te gaan zwemmen. Daar kom je niet levend uit.
En dan zien we ineens wel een man zwemmen, hij komt van bovenstrooms langs ons heen en wordt door het wilde water heen en weer gegooid en in de richting van de waterval gevoerd. “Daar komt hij nooit levend uit, we moeten hem helpen”: wordt er geroepen. Maar hoe dan? De man is al vlakbij de waterval en wordt vervolgens over de rand heen door de waterstroom meegenomen. We gaan hem zoeken in de poel onderaan de waterval, is de algemene opvatting. Maar dat hij nog in leven is, dat gelooft niemand.
Onderaan de waterval aankomend zien ze de man op stukje grasland lichaamsoefeningen doen. Na enige tijd stopt de man met zijn zware oefeningen en verbaast vragen ze aan hem hoe hij de waterstroom en vooral de waterval heeft kunnen overleven. De man spant zijn spieren en zegt: actief tegen de stroom ingaan, en dat is ook het geheim van een gelukkig leven. Ga actief tegen de stroom in en verzet je tegen de gebeurtenissen om je heen, dan zwem je tegen de stroom in langs alle gevaarlijke plekken heen en zo vermijd je de problemen die je leven negatief zullen beïnvloeden. Laat je niet willoos meevoeren. Verzet je tegen de stroom in en je zult alle draaikolken overleven. Zo heb ik bij de draaikolk mij niet mee laten nemen naar de bodem van de draaikolk maar tegen een stroom omlaag die mij de kolk meevoerde naar de bodem. Juist door mij te verzetten heb ik alles in de levensstroom overleefd, juist door tegen de stroom in te gaan heb ik dit punt bereikt en kan hier zitten overdenken hoe mijn leven verlopen zou zijn als ik mij niet zou verzetten tegen de stroom. Ik zou het niet overleefd hebben. En hij ging door met zijn krachtoefeningen.
De vader begon zich zorgen over zijn zoon te maken en hij vroeg: jongen hoe gaat het nu met je? Och vader, het gaat goed want ik heb een vertrouwen. En de vader werd gerust, maar slechts voor korte tijd. De zoon was met iets bezig wat hij absoluut niet begreep. Zo vroeg hij bijvoorbeeld: vader hoeveel krijg ik als erfenis? Dat krijg je pas als ik gestorven ben jongen. Ja vader dat weet ik wel, dat is een kwestie van vertrouwen. Ja jongen zo ligt dat.
En de zoon ging door, maar met wat?
Maar gelukkig zei de jongen regelmatig: ik heb vertrouwen.
Toen plotseling was de jongen verdwenen en op de schoorsteen lag een kort briefje: ik moet wel gaan want ik heb een ver trouwen met mijn geliefde. Maar jullie hebben nooit enige aandacht daaraan gegeven.

Mediamiek


(Zelf)vertrouwen

Als ik mezelf vertrouw
heb ik ruimte
om ook jou te vertrouwen.

Geef mij ruimte
om me te ontwikkelen.
Geef mij complimenten
om te kunnen bloeien.
Stimuleer mijn doen
Zodat ik durf te handelen.

Als jij me dat kunt geven
heb ik het vertrouwen
om te laten zien wie ik ben.

Hellen Becker


Vertrouwenselfje

pen
gedachten ontvouwen
woord voor woord
eigen kracht op papier
zelfvertrouwen

Hellen Becker